
M’n stroopwafels zijn op en mijn kaftan lijkt gekrompen.
Een boer drijft zijn kamelen voorbij, en er zit couscous in m’n klompen.
Ondertussen plakt mijn baklava met dropsmaak verschrikkelijk tussen m’n tanden
en bereik ik de grens tussen beide landen.
Ik hou van de mooie Turkse stranden, maar ook van Unox in de kou.
In mijn paspoort staat een ster en maantje, maar ook Hollands rood-wit-blauw.
Er staat: een meisje, bruine-blauwe ogen en haar, blond-achtig zwart.
Enigszins hetzelfde, aan de andere kant apart.
Ik waai gewoon met de bries mee, oost- en westenwind.
Ik, ik ben een tulpenkind.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten